“Zelfstandig op de SEH, maar met de veiligheid van 24/7 supervisie.”
Na zes jaar in de boeken was Judith (25) er helemaal klaar voor: die witte jas aan en de praktijk in. Geen theorie meer, maar handelen op de plek waar het gebeurt. De Spoedeisende Hulp (SEH) van het ETZ bleek dé plek om haar ambitie om te zetten in actie. Als basisarts in dit Level 1 traumacentrum maakt ze nu de vlieguren die ze voor haar toekomst nodig heeft. Benieuwd waarom Judith bewust kiest voor de Tilburgse dynamiek en hoe zij de begeleiding op de werkvloer ervaart? Lees hier haar verhaal.
De perfecte tussenfase
Na de zesjarige opleiding geneeskunde ben je basisarts. Je bent BIG-geregistreerd, maar nog geen specialist. “Ik wilde breed ervaring opdoen voordat ik een definitieve keuze maak voor een vervolgopleiding,” vertelt Judith. Ze koos specifiek voor de functie van basisarts (ANIOS) op de SEH. “Op een verpleegafdeling, bijvoorbeeld voor Urologie of Kindergeneeskunde, ben je puur voor dat ene vakgebied aan het werk. Maar op de spoedeisende hulp zie je werkelijk alles: van jong tot oud, van een klein traumaatje tot heel zieke mensen met koorts die bijvoorbeeld een oncologische behandeling ondergaan. Voor je leercurve als beginnend arts is die enorme variatie en de snelheid van het handelen fantastisch.”
Een groot centrum met Brabantse nuchterheid
Het ETZ vervult als Level 1 traumacentrum een cruciale rol in de regio. Waar kleinere ziekenhuizen patiënten met zeer ernstig letsel vaak moeten doorsturen, is dit juist de plek waar die patiënten worden opgevangen. “De meest ernstige trauma’s en acute gevallen worden hier binnengebracht,” legt Judith uit. “Juist omdat we hier alle kennis en kunde in huis hebben, is de zorg die we verlenen hoogcomplex. Dat maakt het werk op de spoed ontzettend uitdagend en leerzaam.”
Wat Judith opviel bij haar start in Tilburg, was de sfeer die ondanks de intensiteit van de zorg behouden blijft. “Hier in het ETZ hangt een heel prettige, gemoedelijke sfeer. Mensen groeten elkaar in de gangen en maken tijd voor een praatje. Ook de patiëntenpopulatie ervaar ik als rustig en vriendelijk; er is een soort Brabantse gezelligheid die de scherpe randjes van het harde werken eraf haalt. Het is een mooie combinatie: we verlenen hier zorg op topniveau, maar wel in een nuchtere en toegankelijke werkomgeving.’’
De luxe van 24/7 supervisie
Wat Judith het meeste waardeert in haar werk, is de kwaliteit van de begeleiding. In het ETZ is er namelijk 24/7 een SEH-arts fysiek aanwezig op de werkvloer. “Dat is echt een luxe en geeft een veilig gevoel. Zeker als je jong bent en net komt kijken, is het werk spannend. Dan is het een fijn idee dat je altijd laagdrempelig kunt overleggen.”
Die open cultuur beperkt zich niet tot de eigen afdeling. “Gisteren had ik bijvoorbeeld een patiënt waarbij we initieel niet goed konden duiden wat er aan de hand was. Dan is er ruimte om even te sparren met een specialist, zoals een longarts. Je kunt werkinhoudelijke vragen stellen zonder dat je bang hoeft te zijn voor een uitbrander. Andere artsen staan open voor overleg en denken constructief mee om de beste zorg te verlenen.”
Ruimte voor de dokters van de toekomst
Hoewel Judith de ambitie heeft om uiteindelijk huisarts te worden, wordt dat binnen het ETZ juist gestimuleerd. “Bij mijn sollicitatie benoemde ik dat eerlijk. Er werd heel positief gereageerd op mijn plannen; ze zijn hier enorm onderwijsminded. Het ziekenhuis geeft je de ruimte en uitleg om jezelf te ontplooien, ook als je ambities uiteindelijk buiten het ziekenhuis liggen. Ze brengen de dokters van de toekomst graag iets bij.”
De hartslag van de acute zorg
Werken op de spoed vraagt om een flexibele instelling. Judith werkt onregelmatig en draait veel avond-, nacht- en weekenddiensten. “Het ene moment kan het heel rustig zijn op de SEH, maar het andere moment kunnen er meerdere ambulances tegelijkertijd worden aangemeld,” vertelt Judith. “Dat hoort bij de acute zorg en de dynamiek van het vak. Je weet nooit wat er achter de volgende deur op je wacht, en die spanning maakt het werk juist zo interessant.”